Straatverbod is onvoldoende voor het VB

Op het Antwerps stadhuis woedt al een paar weken een discussie over het ‘straatverbod’ dat burgemeester Patrick Janssens (SP.A) en veiligheidsschepen Dirk Grootjans (VLD) willen invoeren. Groen! heeft goede argumenten tegen dat straatverbod (zie: www.geenstraatverbod.be) maar vergist zich op één punt. “We mogen hopen dat de huidige burgemeester behoedzaam zal omspringen met dit straatverbod. Maar het is onverstandig een reglement goed te keuren met één burgemester voor ogen.” zegt een Groen!-gemeenteraadslid in  De Standaard van 21 april 2005. Twee dagen later herhaalt hij in dezelfde krant dat als Dewinter aan de macht komt “echt wel het gevaar bestaat dat de maatregel tegen bepaalde bevolkingsgroepen wordt gebruikt.” Groen! vergist zich, want Dewinter vindt dat Janssens’ straatverbod niet ver genoeg gaat. Vandaag bevestigde Dewinter dat op een persconferentie, geflankeerd door zijn veiligheidsadviseur Bart Debie – gewezen politieagent die beticht wordt van misbruik van gezag, slagen, foltering en inbreuken op de antiracismewet.
 
Het straatverbod maakt deel uit van een 110 bladzijden tellende politiecodex die aanstaande disndag ter goedkeuring aan de Antwerpse gemeenteraad wordt voorgelegd. Het straatverbod geeft de burgemeester het recht om “bij gemotiveerd besluit” personen “die herhaaldelijk de openbare orde ernstig verstoren of zware overlast veroorzaken in dezelfde omgeving” tot acht dagen, bij herhaling tot 1 maand, te verbieden “een of verscheidene straten te betreden”. Voorzover betrokkene niet in die straat woont. Janssens verdedigt het straatverbod omdat dit hem toelaat sneller in te grijpen dan bij een gerechtelijke aanpak. De onmiddellijke aanleiding voor het voorstel zijn de tippelprostitutie in de Atheneumbuurt en problemen met jongeren in de Hobokense wijk Draaiboom.
 
Volgens Groen! gaat het om het “zoveelste bewijs van de verrechtsing van de samenleving”. Mieke Vogels: “Het begint misschien wel bij tippelprostitutie. Maar straks groeit de druk op de burgemeester om ook de jongeren op de Groenplaats weg te jagen (…). Nu schiet men met een kanon op een mug. Bovendien lost zo’n verbod het probleem ook niet op.” Vogels ziet een fundamenteel verschil tussen wegens wangedrag de toegang weigeren tot bibliotheken, zwembaden of bioscopen, en de straat. “Straten en pleinen zijn openbaar domein bij uitstek, waar mensen zich vrij moeten kunnen bewegen. Hier gelden regels: van verkeersregels tot nachtlawaai en openbare orde. Niet naleving van die regels moet aangepakt kunnen worden. Maar als de burgemeester een straatverbod uitspreekt, raakt hij aan de essentiële rol van straten en pleinen als publieke ruimte.”
 
Filip Dewinter was aanvankelijk bereid om Janssens tegen Groen!, de aangekondigde neen-stem van één VLD-gemeenteraadslid en mogelijke andere dissidenties een meerderheid te bezorgen. Vandaag heeft hij zijn houding verstrakt. Hij laat uitschijnen de bestuursmeerderheid slechts te zullen steunen als die wil ingaan op zijn amendementen: om het straatverbod ineens van 8 dagen op 1 maand te brengen, het straatverbod na een eerste waarschuwing en niet na herhaaldelijk waarschuwen toe te passen, en het straatverbod in te laten ingaan met een briefje tegen ontvangstbewijs en niet met een deurwaardersexploot of een aangetekend schrijven.
 
Maar het VB mikt op meer. Het wil een wetsvoorstel indienen voor een ‘buurtverbod’. Volgens de VB-persmap kan het buurtverbod “na een eerste waarschuwing door de politie of lokale overheid uitgesproken worden tegen een of meerdere personen die: 1. aanhoudend de openbare orde verstoren door luidruchtig en/of crimineel gedrag; 2. aanhoudend de openbare rust van omwonenden hinderen door lawaai, vervuiling, intimidatie, verbale agressie; 3. zich op de openbare weg prostitueren; 4. bedelen; 5. enz.” Het buurtverbod zou aangevraagd kunnen worden door de politie, buurttoezichters, toezichters op het openbaar vervoer en dergelijke meer, OCMW’s en sociale huisvestingsmaatschappijen. Indien de persoon zich niet aan het buurtverbod houdt kan er door de correctionele rechtbank een gevangenisstraf tot zes maanden uitgesproken worden. Personen die een buurtverbod krijgen, zullen met naam en foto bekendgemaakt worden via een website. Het VB omzeilt de strafwet door niet gedragingen strafbaar te stellen maar het niet naleven van een schriftelijke overeenkomst tussen de politie en de ‘overlastveroorzaker’. Het VB haalt twee voorbeelden aan waarop het buurtverbod een antwoord biedt: “Een man die zich in zijn eigen woning elke dag lazarus drinkt en daarbij zoveel kabaal veroorzaakt dat hij elke dag de openbare rust van de buren verstoort.” en “Jongeren (…) die de voorbijgangers uitdagen, intimideren en beledigen zonder daarbij echt strafbare feiten te plegen.”
 
Het is duidelijk, in een VB-staat is er geen rechtszekerheid meer. Voor het minste kan je een buurtverbod opgelegd krijgen. Bevolkingsgroepen gaan geviseerd worden; de wil van bepaalde Herren  zal primeren. Terreur zal overheersen… en tegenterreur ontlokken. Het VB laat zich onder andere inspireren door de Anti-Social Behaviours Orders die sinds 1998 in Engeland van kracht zijn, maar een lange reportage in één van de kranten het voorbije weekend toonde aan dat die Anti-Social Behaviour Orders een maat voor niets zijn. De veroordeelden trekken zich er niets van aan, en de politie heeft niet de capaciteit om het niet-respecteren van het buurtverbod op te volgen. Er verandert bovendien niets aan de oorzaken van het anti-sociaal gedrag. Maar stel dat het buurtverbod wel opgevolgd zou worden, waar moeten al die mensen dan naartoe? De villa van Marie-Rose Morel in Ekeren is al verkocht. Waar dan ermee naartoe? Naar Schoten?